Wat je niet wilt aan een nieuwe auto

Aanraakschermen in plaats van knoppen, vlakke deurgrepen... Wie naar het Autosalon gaat, mag een handleiding meenemen voor alle nieuwe snufjes waarmee nieuwe wagens zijn uitgerust. Maar welke laat je beter links liggen als je kan? Onze autospecialisten Joost Bolle en Brecht Vanhaelewyn zetten hun dealbrekers op een rijtje. “Bij een ongeluk kan het serieus fout lopen met dit ding.”
Nieuwe auto’s worden elk jaar slimmer, strakker en digitaler. Maar net die ‘moderne snufjes’ kunnen je dagelijks leven achter het stuur nodeloos lastig maken, om niet te zeggen dat ze ook gevaarlijk kunnen zijn. Want niet elke innovatie is vooruitgang. Soms is het gewoon een vorm van besparing met een design- of marketingsausje erover: minder knoppen, meer schermen, almaar meer sensoren… en minder gezond verstand.
Daarom: kenmerken waar onze autospecialisten spontaan jeuk van krijgen. Dingen die je als consument in de showroom soms amper opvallen, maar die na een tijd beginnen knagen. Dit zijn de ‘dealbreakers’, redenen om een auto meteen van je lijst te schrappen, of andere kenmerken die ook snel irriteren.
Vlakke of verzonken deurgrepen
Vaak elektrisch bediend — ze komen met een motortje uit het koetswerk als je ze nodig hebt. Bij uitbreiding: het deurslot wordt elektronisch bediend. Automerken houden ervan omdat ze goed zijn voor de luchtweerstand — en dus voor een paar 0druppels minder verbruik zorgen. En ja, omdat ze hoogtechnologisch overkomen.
In realiteit voegen ze vooral complexiteit toe. Je moet er soms op wachten. De bediening hangt af van sensoren, motortjes, en elektronica. Een lege batterij, een vastgelopen mechanisme, bevriezing of vuil zorgen voor ongemakken. Maar erger: bij ongelukken loopt dit soms echt fout. Inzittenden geraken er niet uit, hulpdiensten er niet in. China heeft daarom al een verbod aangekondigd. Vanaf 2027 mag de verzonken deurklink niet meer.
Voor onze autospecialisten een reden om dit model niet te kopen: als er geen duidelijke, intuïtieve en altijd bruikbare mechanische noodopening is (van binnen én van buiten). Het is overigens perfect mogelijk om betrouwbare handgrepen aerodynamisch in te werken zonder al die elektronische poespas.
Panoramadak
Een panoramadak verkoopt: licht, ruimtegevoel en premium sensaties. Glazen daken zijn nog altijd in opmars. Nu hebben ze soms zelfs lichteffecten.
Steeds vaker kan je die glazen daken gewoon niet meer openen. Belangrijker: het rolgordijn sterft uit. “Niet meer nodig”, claimt de autosector. Ingebouwde filters en zelfs elektronisch dimbaar glas maken dat overbodig. Maar de praktijk leert: in de winter voelt het koud aan en in de zomer te warm. Wat in de showroom nog ‘wow’ is, wordt op een warme zomerdag irritant. En airco’s die overuren draaien, kosten (bij elektrische auto’s) zelfs rijbereik. Is een degelijk afdek- of verduistersysteem wegbespaard? Vermijden, die handel.
Centraal scherm
Eén centraal scherm dat dienst moet doen voor alles, met inbegrip van de weergave van cruciale informatie zoals je snelheid. Het oogt minimalistisch en technisch kan het perfect.
Snelheid, rijstatus en waarschuwingen horen zo dicht mogelijk bij je natuurlijke kijklijn te zitten: recht vooruit, dichtbij de voorruit. Als je naar het midden en omlaag moet kijken, voeg je structureel tijd toe waarin je niet naar de weg kijkt. Je reactietijd verlengt. In stadsverkeer (fietsers, zebrapaden, rotondes, snelheidscamera’s) en bij snelheidswissels (zones 30/50/70, trajectcontroles) wil je de info in één oogopslag kunnen aflezen.
Het is gewoon slechte ergonomie die het gevolg is van misplaatste besparingsdrang. Niet voor het eerst in deze lijst. Auto’s zijn duur genoeg. Informatie krijgen op een ergonomisch goede positie is niet te veel gevraagd.
Buitenspiegels bedienen via aanraakscherm
Buitenspiegels die je moet instellen door in een menu op het aanraakscherm te gaan kijken. Maar je mag het ook wat breder zien. We hadden hier evengoed kunnen zeggen: “Geen knoppen voor belangrijke of veelgebruikte functies.” Het openen van het handschoenkastje zou ook op deze lijst kunnen staan.
Het lijkt muggenziften. Bij de aflevering van de auto helpt de verkoper je nog wel even om in de menu’s te zoeken waar de functie zit en hoe het dan echt werkt. Dan komt er een moment dat je het nodig hebt om ‘even te corrigeren’: een andere bestuurder, in de wasstraat, rijden met een aanhanger, dode hoek die even verkeerd valt of na een tik tegen de spiegel. En dan weet je natuurlijk écht niet meer hoe het moet... Resultaat: irritatie en tijdverlies, of je stelt het even uit om de spiegel juist te zetten – gevaarlijk.
Goed ingestelde spiegels zijn essentieel. En dat allemaal om een knopje van 1 euro en een eindje kabel uit te sparen. Genadeloze ‘neen’.
‘Capacitieve’ knoppen
We zijn nog niet rond met de knoppen. Nog zo’n trend: echte knopjes vervangen door aanraakgevoelige oppervlakken. Ook daar weer: moderner en goedkoper. Niks tegen, maar er is een verschil tussen ‘verandering’ en ‘vooruitgang’. Soms valt er nog mee te leven, maar er zijn automerken die ze zelfs op het stuur inbouwen.
Zogenaamde ‘capacitieve’ knoppen missen duidelijke tactiele feedback. Je voelt niet altijd of je echt gedrukt hebt, je kan ze gemakkelijk per ongeluk activeren. Daarom zijn ze op een stuur écht uit den boze. Je kan ze eigenlijk niet meer op het gevoel bedienen en vaak combineren ze verscheidene functies op één oppervlak (swipen, tikken, lang indrukken). Resultaat: ze zijn onbetrouwbaar en vergen meer aandacht dan betamelijk is.
100 procent betrouwbaar en op de tast bruikbaar was nochtans de norm. Niet iedereen went eraan, soms blijft het gewoon vervelend. Omwille van aanhoudende klachten stappen heel wat merken er alweer van af. Koop je nu nog een auto die het wél heeft en je hebt er straks één ‘uit de periode van de ambetante knoppen’. Neen, dank u. Niet voor de HLN-autospecialisten.
Geen dealbreaker, maar...
Er zijn grote en kleine irritaties. Zaken waardoor je meteen ‘neen’ zegt en minpunten die je misschien meeneemt in de ruimere beoordeling. Tip: maak voor jezelf een lijstje met zaken die je zouden kunnen irriteren. Want dat is ook altijd heel persoonlijk. Hier zijn alvast nog wat andere dingen die onze autospecialisten irriteren.
Piano black interieur
Oogt chic in de showroom maar is een magneet voor stof, krassen en vingerafdrukken. En eigenlijk is het gewoon glanzende plastic.
Aanraakbediening voor basisfuncties als airco, volume…
Mildere vorm van wat hierboven aan bod kwam. En af en toe is het wel goed. Als het groot genoeg en permanent op het scherm staat bijvoorbeeld. Maar al te vaak is het omslachtig en afleidend.
Te hoge laaddrempel voor koffer
Klinkt banaal tot je er dagelijks een kinderwagen over moet heffen. Of een krat bier als je uit de supermarkt komt.
Handgrepen zijn niet te veel gevraagd
Niet zo lang geleden had omzeggens elke auto handgrepen boven de deuropening. Handig voor wie een dagje ouder wordt, of om een kapstok aan te hangen. Tegenwoordig veelal geschrapt, want het scheelt het paar euro en uit onderzoek is gebleken dat klanten het in de showroom niet opmerken. Het valt des te meer op wanneer je een minder mobiele persoon moet vervoeren, maar dan zijn de automerken al lang betaald.
Te hoge deurgrepen
Er zijn een handvol auto’s die de deurgrepen van de achterportieren ‘verstoppen’. Oogt sportiever. Maar soms zitten ze daardoor opvallend hoog. Heb je kleine kinderen, kijk dan even of ze er wel aan kunnen. Elke keer de deur moeten openen, het verveelt snel.
Verlichte merklogo’s
Een echte trend aan het worden, dit. Fijn als je het ‘cool’ vindt, maar je moet het zien voor wat het is: lichtreclame voor het automerk.
Rijhulpsystemen niet uitschakelbaar
Auto’s zitten de jongste tijd vol verplichte rijhulpsystemen die helaas al te vaak onbetrouwbaar, luidruchtig en irritant zijn. Elke keer je start, staan ze (verplicht) weer aan. Meer en meer automerken voorzien sneltoetsen om functies die je liever niet gebruikt snel weer uit te schakelen. Dat is eigenlijk een must, zo’n ‘verlossende’ knop, maar nog veel te weinig nieuwe auto’s hebben er één.
Abonnementen voor functies
Alles wordt tegenwoordig een lopende rekening. Iedere maand betalen, zoals Netflix en Spotify. Automerken dromen ervan en experimenteren dus met maandelijkse kosten voor een app, extra assistentie, meer vermogen of zelfs de verwarmde stoelen die eigenlijk gewoon al uit de fabriek in je auto zitten. Voorlopig nog geen succes, maar de sector blijft koppig proberen. Tip van onze autospecialisten: niet aan toegeven.
Digitale spiegels
Zeg maar: een scherm in plaats van een binnen- of buitenspiegel.
Er zijn situaties waarin dit nuttig is. Maar hou er ook rekening mee dat schermen geen dieptezicht bieden en vereisen dat je ogen zich telkens opnieuw specifiek op focussen. Het vergt gewenning, maar het is objectief vermoeiender en minder nauwkeurig. Helemaal afhankelijk zijn van een digitale spiegel is dan ook iets waar je beter twee keer over nadenkt.
Geen achterruit
Je zou ook kunnen zeggen: ‘te eigenaardige koetswerkvormen’. Geen achterruit hebben is vervelend vanuit een veiligheidsstandpunt. Zelfs met alle moderne camerasystemen. Met elektronica loopt wel eens iets mis. Of de lens wordt vuil. Maar bij uitbreiding: na een aantal jaren een auto met een ‘apart koetswerk’ weer moeten verkopen, is om problemen (lees: waardevermindering) vragen. Je auto wordt minder waard terwijl je slaapt.
Stoelbekleding uit gerecycleerde PET-flessen
Recycleren is uiteraard een nobele zaak. En oude plastic kan intussen verweven worden tot aantrekkelijke zetelstoffen. Ze duiken overal op. Maar ze hebben ook één groot nadeel: omdat je in feite op plastic zit, krijg je het er snel (te) warm in. Airco op 19 graden en zweetplekken op je rug? Neen, bedankt.
Bron www.hln.be
