BMW 4 Reeks Coupé: meer dan alleen een ‘neuscorrectie’

testbmw4_1.jpg

De nieuwe 4 Reeks coupé is het meest besproken BMW-model van het moment en dat heeft alles, maar dan ook alles met zijn controversieel vormgegeven voorkant te maken. Gelukkig valt er toch iets meer over deze nieuweling te vertellen dan puur over zijn gigantische grille die in twee werd gesplitst en zowaar een kentekenplaat lijkt op te willen slokken. We trokken al eens de straat op met zowel de 420d xDrive als met de veel krachtigere M440i xDrive.

Eerst en vooral is de nieuwste versie van de 4, die je voorlopig enkel als coupé of cabrio kan bestellen, een maatje groter dan zijn voorganger met dezelfde naam. Hij wint haast 13 cm in de lengte en overspant hierdoor zo’n 4,8 meter, dus we hebben hier echt wel met een uit de kluiten gewassen auto te maken. Jammer genoeg valt dat niet binnenin op, en al helemaal niet achterin, waar er gewrongen moet worden als je geen kind bent. Noem dit dus een 2+2 in plaats van een volwaardige vierzitter. Ook slikt zijn koffer (met 440 liter beschikbaar laadvolume) 40 liter minder dan die van de vierdeurige 3 Reeks, al moet eveneens gezegd dat er 30 liter winst werd opgetekend in vergelijking met de vorige. Eerlijk is eerlijk: zijn koffer is groot genoeg voor de meeste mensen.

Koffer

Dat hij minder praktisch is dan de 3 waarmee hij zijn genen deelt, spreekt dus voor zich, maar ook ligt zijn prijskaartje hoger: 7.350 euro als we de 2-liter diesels met xDrive met elkaar vergelijken, terwijl het verschil tussen de veel minder toegankelijke en eveneens vierwielaangedreven M340i en M440i vreemd genoeg maar 1.300 euro bedraagt. Concreet: de 420d xDrive kost minstens 51.600 euro, de M440i xDrive gaat vanaf 68.250 euro de deur uit. Weet ook dat een vergelijkbare 3 Reeks een tikkeltje sneller accelereert. Twee deuren meer betekent niet dat er meer gewicht in de schaal ligt, integendeel zelfs.

Traditioneel

De klassieke presentatie van het passagierscompartiment mag niet de indruk wekken dat zijn uitrusting minder compleet is dan die van de concurrentie. Uiteraard beschikt de 4 Reeks over alle nieuwste voorzieningen, met name op het gebied van actieve veiligheid: noodstop, 360°-camera, het opmerken van kruisend verkeer tijdens manoeuvres… Maar ook een vervelend verkeersbordenherkenningssysteem (dat gelukkig gedeactiveerd kan worden) dat zeer regelmatig begint te “piepen”, gezien de overdaad aan verkeersborden in ons land. Voor een auto die in principe bedoeld is voor bestuurders die rijplezier hoog in het vaandel dragen, hadden we liever gehad dat de rijstrookassistent gemakkelijker uit te schakelen valt, in plaats van telkens de instellingen aan te moeten aanpassen. Die operatie moet dan ook telkens worden herhaald als de auto opnieuw wordt gestart.

Praktisch

Hoewel de semi-automatische snelwegmodus minder vloeiend en “intelligent” lijkt dan die van sommige concurrenten, maakt BMW veel goed met een interessante geheugenfunctie voor manoeuvres. De auto registreert alle bewegingen van de laatste 50 meter en tot 36 km/u voor er wordt gestopt, en kan deze vervolgens dan in omgekeerde richting reproduceren. Praktisch voor bijvoorbeeld krappe parkeerplaatsen.

Nog verschillen met de 3 Reeks?

De 4 heeft een stijver koetswerk, zijn onderstel en stuurinrichting zijn een beetje sportiever ingesteld, zijn zwaartepunt ligt iets lager en zijn spoorbreedte achteraan groeide met een dikke 2 cm: allemaal verschillen die het rijgedrag ten goede moeten komen, al zal je al aardig gas moeten geven in de bochten om ze goed op te kunnen merken.

Nog twijfels over de 4?

Hoewel erg comfortabel en gewillig – net voldoende in het geval van de 190 pk en 400 Nm afleverende 420d en bijzonder als we het over de 374 pk en 500 Nm opwekkende M440i hebben – weegt eerstgenoemde bijna 1,7 ton en zit nummer twee daar zelfs boven. Dit is dus een zware auto en dat voel je, ook al reageren beide versies scherp genoeg om relatief sportief over te komen bij hun bestuurder, én zijn ze ongelofelijk beheersbaar, mede dankzij de xDrive-vierwielaandrijving en de talloze, soms lichtjes irritante rijhulpmiddelen die ze netjes binnen de lijnen doen kleuren. Wat we écht missen, ondanks de wendbaarheid van beide modellen, is stuurgevoel en ‘communicatie’, want van echte betrokkenheid is er nooit sprake. Je ‘voelt’ hem niet, en persoonlijk vinden we dat best jammer. Het mag met andere woorden duidelijk wezen dat BMW een GT heeft ontworpen die in de eerste plaats dient om afgezonderd van de buitenwereld te zitten en om mee te cruisen en te flaneren, en dus niet om écht rijplezier te beleven. Het merk mikt zo op een wat ouder cliënteel voor wie comfort het allerbelangrijkste is. Zij krijgen zeker waar ze op hopen, en we kunnen ons inbeelden dat de besturing voor sommigen onder hen zelfs nog iets minder nerveus mag. Je kan niet voor iedereen goed doen, wat ook voor de looks geldt.

Wat de beleving betreft: wie toch tegengekrul wil, is sowieso op de M440i aangewezen, de brute M4 even buiten beschouwing gelaten. Dat komt omdat er, naast het feit dat diens 3-liter benzine veel beter klinkt dan de 2-liter diesel, sprake is van twee gezichten die de 420d mist: met de M440i kan je eveneens doodnormaal rijden, weliswaar constant gewaar van zijn immense potentieel dankzij de ‘volle’ zescilinder, maar ook de rebel in jezelf loslaten door je zware rechtervoet neer te ploffen en vervolgens zeer snel op te trekken. In dat geval wordt het wél leuk, want je wordt als het ware gekatapulteerd – 0 naar 100 km/u in 4,5 seconden, met straffe hernemingen tot de top van 250 km/u wordt bereikt. Dan komt de zespitter helemaal tot zijn recht. Dit blok is in één woord briljant.

Kijken we naar de 2-liter zelfontbrander: ook die motor weet aardige prestaties neer te zetten in de 4 Reeks – 0-100 km/u in 7,4 seconden en 238 km/u – maar je wordt lang niet even hard in je (zeer goed zittende!) stoel gedrukt. Waar die diesel anderzijds veel beter mee scoort, is zijn beperkte verbruik: 6 en zelfs 5 l/100 km is mogelijk, terwijl je er met de M440i over dezelfde afstand snel 9 liter of meer doorjaagt.

Conclusie

De 4 Reeks is geen 3 Reeks en de ene 4 is de andere niet. De M440i xDrive gaat een pak harder dan de 420d xDrive, maar is ook zomaar eventjes 16.650 euro duurder. Wetende dat BMW-opties zeer prijzig zijn, hou je daar toch maar beter rekening mee. Daarnaast stoot de eerste gemiddeld genomen 40g/km meer CO2 de lucht in dan de tweede (tot 163 voor de M440i xDrive)… Onze mening? Wil je gewoon opvallen, koop dan een 420d of een 420i als het absoluut een benzine moet zijn. Wil je opvallen en kunnen scheuren (en speelt geld geen rol), bestel dan een M440i. Kies je anderzijds liever voor echt gebruiksgemak en blijf je graag onder de radar, onderteken dan een bon voor een vergelijkbare 3. Wij zouden, zoals je al kon raden, het laatste doen.

Bron www.gocar.be

testbmw4_1.jpgtestbmw4_2.jpgtestbmw4_5.jpgtestbmw4_3.jpgtestbmw4_4.jpg